De liquiditeit van uw vennootschap tijdens de coronacrisis: aandachtspunten

2020-05-18

De huidige coronacrisis zorgt voor een ongeziene liquiditeitscrisis voor ondernemers. Een goede monitoring van de financiële gezondheid van een bedrijf is meer dan ooit cruciaal. Een liquiditeitstest is hiervoor het ideale instrument. Op die manier voorkomt u bestuurdersfouten en aansprakelijkheden.

Bij de screening van een potentiële contractspartij is liquiditeit of terugbetalingscapaciteit (met snel realiseerbare activa) de sleutel voor schuldeiserbescherming.

Boekhoudkundige cijfers zijn echter manipuleerbaar en vragen een zekere vorm van zelfdiscipline. Het nieuwe Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (dat sinds 1 januari 2020 in werking is getreden) gaf een nieuw elan aan vennootschapsvormen. Bij een BV is bijvoorbeeld geen strikt minimumkapitaal meer nodig.

Toch erkent de wetgever nog steeds de noodzaak om contractspartijen en schuldeisers tegen misbruik te beschermen via het gebruik van vennootschappen. Daarom werd de focus verlegd van een abstract boekhoudkundig begrip naar een zeer reëel begrip: de liquiditeit. Hierbij speelt ook beleende liquiditeit mee, al moet hier dan wel rekening gehouden worden met termijnen en kredietvoorwaarden.

Het nieuwe WVV tekende nieuwe krijtlijnen uit. Maar de coronacrisis die dit voorjaar uitbrak, doet vele sectoren en bedrijven op hun grondvesten daveren. Bestellingen vallen stil, waardoor geldstromen opdrogen. Dit liquiditeitsprobleem wordt nog versterkt door onzekere economische verwachtingen: wanneer en hoe snel zal de economie heropstarten?

In het WVV zijn twee bepalingen van belang op het vlak van liquiditeit van de BV:
Het verbod op uitkeringen uit vennootschappen bij een falende liquiditeit
De vernieuwde alarmbelprocedure op liquiditeit

Het verbod op uitkeringen uit vennootschappen bij een falende liquiditeit 

Deze bepaling stelt dat een BV slechts een uitkering aan een aandeelhouder of bestuurder mag doen als vaststaat dat de vennootschap redelijkerwijze in staat zal blijven om haar schulden te voldoen over tenminste twaalf maanden. Voorbeelden van uitkeringen zijn dividenden, tantièmes of een inkoop van eigen aandelen. De wetgever voorziet hier enkele duidelijke richtlijnen volgens een watervalsysteem, met (1) een eenvoudige balanstest, (2) de toepassing van historische kasstromen en (3) het in kaart brengen van bijzondere (economische) omstandigheden.

De vernieuwde alarmbelprocedure op liquiditeit

De vroegere alarmbelprocedure – uitgelokt wanneer de schulden hoger dreigden te worden dan de activa van de vennootschap – was een zuivere balanstest. De wetgever vereiste bovendien geen voortdurende monitoring van de balans. Bij de hernieuwde procedure moet het bestuursorgaan van een BV de cashflow echter nauwgezet bewaken via een liquiditeitstest. Dit houdt in dat – op basis van precieze vermogensstroomtabellen – enkele scenario’s toegepast moeten worden op de balanspositie van de vennootschap. Als blijkt dat de komende twaalf maanden schuldaflossingsproblemen dreigen te ontstaan, dan moet er actie ondernomen worden (in de vorm van ontbinding of maatregelen om de continuïteit te vrijwaren). Het niet opvolgen van deze alarmbelprocedure maakt een bestuurdersfout uit.

In de huidige coronacrisis is het alleszins de taak van elke ondernemer en zijn adviseur om de liquiditeitspositie van de vennootschap zeer goed op te volgen. Op die manier maakt u samen werk van een degelijke vermogensbescherming als de vennootschap failliet zou gaan.

Bron: ‘Corona en liquiditeit: dodelijk duo’, Jan Tuerlinckx & Pieter Willems, Tuerlinckx Tax Lawyers

Meer info over liquiditeit tijdens de coronacrisis

Bij vragen of opmerkingen, neem dan zeker contact op met uw dossierbeheerder.